|
Toelichting bij het programma
Dit najaar zingt Tiramisu de
Vespers van Rachmaninov, oftewel de All-night Vigil, de
wake gedurende de hele nacht. Dit is de viering die in
Russisch-orthodoxe kloosters tot op de dag van vandaag gehouden
wordt op de vooravond van belangrijke kerkelijke feestdagen, en die
duurt van de Vesperviering bij zonsondergang tot en met de vroege
viering van de Metten bij zonsopgang.
Rachmaninov heeft alleen de
vaste gezangen op muziek gezet en zo werden de Vespers een
compositie die ongeveer een uur duurt en waarin teksten met zeer
verschillende emotionele inhoud aan bod komen. Rachmaninov, die zijn
meeste werken schreef voor orkest en/of piano, trekt in dit werk
alle koorregisters open, waardoor we bijna kunnen spreken van een
koorsymfonie.
De eisen die aan het koor
gesteld worden zijn erg hoog. De Vespers vragen een zeer
grote stemomvang, met extreem diepe baspartijen en hoge
sopraanpassages. Vocaaltechnisch wordt er van de zangers ook heel
wat verwacht, omdat de partijen vaak gediviseerd zijn en veel lange
melodische lijnen in sterk wisselende dynamiek laten zien. Bovendien
wordt het hele werk a-cappella gezongen.
Tiramisu combineert
Rachmaninov’s Vespers met het Praags Te Deum van Petr
Eben en John Taveners Mother and Child. Beide werken zijn
voor koor met orgelbegeleiding.
Het Praags Te Deum
schreef Eben in 1989 naar zijn zeggen als dankzegging voor de
beëindiging van veertig jaar onvrijheid in zijn land
Tsjecho-Slowakije. Beginnend met op gregoriaans thema, mondt de
glorieuze tekst uiteindelijk uit in een passacaglia op de tekst
In Te Domine speravi – Op U Heer vertrouw ik , de tekst waaraan
het volk hoop ontleende in de dagen van onderdrukking.
Hoewel deze muziek veel recenter
is dan de Vespers, horen we duidelijk de relatie met de
orthodoxe muziek uit Oost-Europa. Dat geldt ook voor John Taveners
Mother and Child. Veel werken van zijn hand zijn geïnspireerd
op Russisch- of Grieks-orthodoxe kerkmuziek. In een vorig project
zong Tiramisu zijn verstilde Song for Athene. Ook Mother
and Child heeft een zeer verstilde inleiding, waarna een
repeterend thema uiteindelijk leidt tot een climax op de tekst ATMA,
een woord uit het Sanskriet dat volgens Tavener staat voor de
verheven realiteit, het ware zelf, lichtend en oneindig, de enige
God. |