Concerten

Op deze plek vind je altijd alle informatie over onze eerstvolgende concerten: het programma met een toelichting, concertdata en een directe mogelijkheid toegangskaarten te bestellen, zodra de kaartverkoop is gestart.

Hommikune Hämarus

Hommikune Hämarus is het Estse woord voor de morgenschemering. Het is dan ook de muzikale morgenschemering die wij in het najaar van 2018 bezingen met vernieuwende muziek uit de Baltische Staten.

Deze muziek zetten we in perspectief door eerst Russische kerkmuziek te laten horen voordat we ons op Baltische muziek concentreren. Hierdoor zingen wij een stukje muziekgeschiedenis dat aan de wieg stond van de dageraad waarin generaties hedendaagse componisten waaronder Pēteris Vasks en Arvo Pärt tot bloei kwamen en nog steeds komen.

Programma

  • Dmitri Bortianski (Oekraïne, 1751-1825) – Cherubic Hymn No. 7
  • Pavel Chesnokov (Rusland, 1877-1944) – Cherubic Hymn Op. 27.5
  • Rudolph Tobias (Estland, 1873-1918) – Liberi Dei
  • Cyrillus Kreek (Estland, 1889-1962) – Taaveti Laulud (Psalmen Davids)
  • Arvo Pärt (Estland, 1935)-  Zwei Slawische Psalmen: Psalm 117 en 131
  • Urmas Sisask (Estland, 1960) uit: Gloria Patri, 24 Hymns: O Salutaris Hostia en Ave Verum Corpus

Pauze

  • Arvo Pärt (Estland, 1935) – Solfeggio
  • Cyrillus Kreek (Estland, 1889-1962) – Maga, maga, Matsikene, Mis sa sirised, sirtsukene, Sirisege, sirbikesed
  • Eduard Oja (Estland, 1905-1950) Kangakudumise Laul
  • Pēteris Vasks (Letland, 1946) Piedzimšana
  • Juris Ābols (Letland, 1950) Karawane
  • Vytautas Miškinis (Litouwen, 1954) Night
  • Tõnu Kõrvits (Estland, 1969) uit: Moorland Elegies, The night is darkening around me

Concerten

Zaterdag 17 november 2018, 20.15 uur | Pelgrimvaderskerk | Rotterdam-Delfshaven
Zondag 18 november 2018,  15.15 uur | Lambertuskerk | Rotterdam-Kralingen

Kaartverkoop
Online kaartverkoop.
Wil je op de hoogte blijven, meld je dan aan voor de nieuwsbrief.

Programmatoelichting

Na jarenlang in de schaduw van overheersing te hebben verkeerd, begonnen componisten van Estland, Letland en Litouwen vanaf de jaren negentig van de vorige eeuw hun eigen identiteit te ontdekken. Tussen 1987 en 1991 heerste in de Baltische Staten letterlijk een ‘zingende revolutie’ als protest tegen de Sovjet Unie. Op het hoogtepunt in 1989 zongen twee miljoen mensen in een 600 kilometer lange lijn van Tallinn door Riga naar Vilnius.

Nieuwe muziek veroverde de wereld. Muziek waarin een enorm spectrum aan klank werd opengelegd. Zoals muziek van Haydn en Beethoven duidelijk geïnspireerd was door het romantische, weelderige Wenen, zo is de muziek uit de Baltische staten niet denkbaar zonder de Baltische landschappen met hun bossen en meren.

Het meest tekenend daarvoor is het werk Piedzimšana (Lets voor ‘geboorte’) van de Letse componist Pēteris Vasks (*1946). Elementen als wind, zon, zee en aarde vormen de inspiratiebronnen voor dit grootse a capella koorwerk. Lange, uitgesponnen klankvelden, ritmische passages en warme harmonieën wisselen elkaar af.

Rondom dit werk zijn een aantal composities geplaatst van componisten uit dezelfde regio die elk op hun eigen manier een eigentijds klankbeeld vertolken.

De meest bekende Baltische componist is ongetwijfeld Arvo Pärt (*1935), die zijn geboorteland Estland in 1980 om politieke redenen heeft verlaten. Sinds 1976 componeert hij in een heel eigen stijl die hij “tintinnabular” noemt, wat klokjes of kleine bellen betekent. Deze stijl wordt gekenmerkt door simpele harmonieën en repeterende motieven. Daarmee groeide hij uit tot een symbool van revolutie en onafhankelijkheid.

Wij gaan zijn Zwei Slawische Psalmen uit 1984 uitvoeren. Deze psalmen zijn een goed voorbeeld van de revolutionaire sfeer, omdat in deze psalmen onder andere Russische kerkmuziek verwerkt is die door de Russische autoriteiten was verboden.

Om het contrast met Pärts eerdere werk te doen uitkomen voeren wij ook zijn in 1963 gecomponeerde Solfeggio uit, dat weliswaar gekenmerkt wordt door dezelfde lange lijnen als in zijn latere muziek, maar harmonisch veel complexer en dissonanter in elkaar zit.

In een tweetal Cherubijnse Hymnen, respectievelijk van de Ukraïense componist Dmitri Bortianski (1751-1825) en van de Russische componist Pavel Chesnokov (1877-1944) zijn de gedragenheid en de mystieke klanken van de Russische kerkmuziek uit de voorafgaande twee eeuwen goed te horen. Hierdoor sluiten ze mooi aan bij de Zwei Slawische Psalmen van Arvo Pärt.

De Estse componist Rudolph Tobias (1873-1918) lijkt in zijn religieuze werken enerzijds te zijn beïnvloed door zulke traditionele ceremoniële muziek, anderzijds door romantische Duitse componisten zoals Mendelssohn en Brahms. Beide facetten demonstreren wij aan de hand van zijn Liberi Dei. Wellicht wordt onze uitvoering zelfs een Nederlandse première.

De Estse componist Cyrillus Kreek (1889-1962) verweeft Russische en romantische muziek op unieke wijze met elementen uit traditionele volksmuziek. Het meest bekend zijn diens Taaveti Laulud, composities op basis van de teksten van de Psalmen Davids in de eigen moedertaal.

Daarnaast brengen wij een drietal minder bekende wereldlijke composities van Cyrillus Kreek ten gehore, die hij op volksliederen heeft gebaseerd: Maga, maga, matsikene is oorspronkelijk een slaapliedje, Mis sa sirised, sirtsukene gaat over twitterende vogels en Sirisege, sirbikesed is gebaseerd op een oogstlied.

In de hilarische compositie Kangakudumise Laul van de Estse componist Eduard Oja (1905-1950) komt de Baltische volksaard vol vrolijkheid en levensvreugde boven tafel.

Van de Estse componist Urmas Sisask (*1960) voeren wij twee delen uit zijn cyclus Gloria Patri, 24 Hymns uit 1988 uit: O salutaris hostias en Ave verum corpus. Deze twee stukken roepen in muzikaal opzicht associaties met de Zwei Slawische Psalmen van Arvo Pärt op.

In tegenstelling met de compostities van Arvo Pärt klinken die van Urmas Sisask echter klinischer, sterieler, ontdaan van elk sentiment, omdat ze geacht worden deel uit te maken van een hogere orde. Dit past bij het feit dat de rooms-katholieke componist met name religieuze muziek schrijft. In het algemeen kan gesteld worden dat de composities van Urmas Sisask eclectisch van stijl zijn en hij ervan houdt om ze te doordrenken van symboliek. Bovenal is de astronomie zijn grootste inspiratiebron, en zijn hartstocht is om een parallellisme te bewerkstelligen tussen kosmische en muzikale harmonie.

Het meest buitenissige werk op ons programma is Karawane van de Letse componist Juris Ābols (*1950). Hij koos een tekst van de dadaïstische schrijver Hugo Ball. Zo betekenisloos en absurd als deze tekst is, zo willekeurig, impulsief en losgeslagen is de koorpartij die Ābols hierop schreef.

We sluiten de concerten af met twee rustige, tekstueel aan elkaar verwante stukken. Night van de Litouwense componist Vytautas Miškinis (*1954) is gebaseerd op close harmony. The night is darkening around me van de Estse componist Tõnu Kõrvits (*1969) is het enige a capella deel van een negendelige magisch-impressionistische cyclus voor koor en strijkorkest met een landschappelijk tot de verbeelding sprekende titel: Moorland Elegies. Hierin zijn onder meer elementen uit de Keltische muziek en zelfs jazzmuziek verwerkt.

De morgenschemering van compositorische vernieuwing blijft daarmee in dit Baltische programma tot voorbij het eind van de dag voelbaar.

Reacties gesloten