2026 De Gevoelige Snaar

‘Zo, dat stuk raakte me echt!’

Muziek raakt een gevoelige snaar als die resoneert met iets in onszelf; iets
dat we hebben meegemaakt of de emotionele staat waarin we ons op dat
moment bevinden.

Dit voorjaarsprogramma van Tiramisu is samengesteld rondom het thema
‘geraakt worden’. We brengen stukken ten gehore die u niet onberoerd
zullen laten. Veel koormuziek is geschreven met juist dit doel, waarbij
componisten bepaalde gereedschappen hanteren om de luisteraar zo direct
mogelijk te proberen te bereiken. Hierbij speelt de tekst uiteraard een
belangrijke rol. Welke tekst kiest een componist, en welke woorden krijgen
extra aandacht? Soms kan alleen een thema al een bepaalde emotie
oproepen. Zo brengen wij in dit concert Vichnaya Pamyat ten gehore, een
stuk dat is geschreven ter nagedachtenis aan de slachtoffers van de
kernramp in Chornobyl (Tsjernobyl), die op het moment van dit concert
vrijwel precies veertig jaar geleden plaatsvond.

Als extra dimensie en als letterlijke gevoelige snaar werken we in dit
concert samen met cellist Willemijn Knödler. Koor en cello: een bijzondere combinatie.
Wanneer deze worden samengevoegd, versmelten ze prachtig met elkaar.
Bovendien nodigen de klankkleuren van de cello het koor uit om de diepere
lagen in zichzelf te ontdekken en met nóg meer bezieling te zingen.

Programma

Barbara Strozzi – Il Contrasto de’ Cinque Sensi
Italië, 1619 -1677

Ildebrando Pizetti – Introitus & Kyrie, Agnus Dei (uit Messa di Requiem)
Italië, 1880 – 1968

Bradley Ellingboe – Heart, we will forget him!
Verenigde Staten, 1958

Hildur Gudnadóttir – Vichnaya Pamyat (arr. Robert Ames)
IJsland, 1982

John Tavener – Mother of God, here I stand
Verenigd Koninkrijk, 1944 – 2013

<Pauze>

Rudi Tas – Miserere
België, 1957

Sergej Rachmaninov – Vocalise (arr. Jonathan Wikeley)
Rusland, 1873 – Verenigde Staten, 1943

Becky McGlade – The Oak
Verenigd Koninkrijk, 1974

Daniel Elder – The heart’s reflection
Griekenland, 1986

Andrea Casarrubios – Caminante
Spanje, 1988

Eric Whitacre – Sleep
Verenigde Staten, 1970

Cellist

Willemijn Knödler (1986) begon haar cellostudie in Leiden bij Valentina
Nezhinsky. Ze vervolgde haar opleiding aan de conservatoria van Den Haag en Amsterdam en behaalde haar Master of Music aan het Royal College of Music in Londen.
Willemijn is met haar voorstellingen regelmatig te zien op festivals. Hierbij maakt ze gebruik van eigen beeld en zelfgeschreven verhalen. Muziek is voor haar in de eerste plaats een vorm van contact, iets dat
mensen bij elkaar kan brengen. Ze speelt op podia en is als cellosolist geregeld te horen bij kamerkoren en (jeugd)orkesten in heel Nederland, waarbij ze uiteenlopende werken uitvoert: van barok tot hedendaags repertoire. Maar ze begeeft zich ook in minder traditionele omgevingen, zoals bij de stichting Muziek aan Bed. Daarnaast geeft Willemijn celloles aan huis in Leiden.
Wat de context ook is, concertzaal, leslokaal, scheepsloods of huiskamer, voor haar staan de ontmoeting en het verhaal centraal: tussen mensen, via muziek.

Voeg toe aan je favorieten: Permalink.

Reacties zijn gesloten.